Auteur: Marieke Schreuder Praktijk voor Counselling (Marieke Schreuder)
Deze publicatie is nog niet gewaardeerd
Inloggen om een waardering te geven.
 

Over denken


Om wat rust te vinden in het leven van alledag, ben ik aan het mediteren geslagen. In het verleden heb ik al eerder pogingen ondernomen om structureel, dat wil zeggen op dagelijkse basis, te gaan mediteren maar op de één of andere manier verwatert dit op een gegeven moment. Om de koe maar weer eens bij de horens te vatten en als stok achter de deur,  heb ik me opgegeven voor een meditatiecursus.  Omdat ik braaf doe wat de juffrouw zegt, zit ik nu iedere dag (oké bijna iedere dag dan) op m’n meditatiekussen. Op papier lijkt het zo simpel: huiswerk: iedere dag even zitten, al is het maar vijf minuten. Hier zit dan meteen al het moeilijkste, namelijk GAAN zitten, je terugtrekken uit de hectiek van het leven, even uit die trein stappen. Aan het einde van de dag denk ik dan meestal: o ja, ik MOET ook nog mediteren.  Alsof ik een To-Do-List afwerk. Als ik dan zit, merk ik pas hoeveel gedachten er eigenlijk door m’n hoofd razen. Gedachten als: Heb ik de wasmachine wel uitgezet, ik moet die en die nog bellen, straks nog even m’n mail checken enz enz.


Zittend op m’n meditatiekussen merk ik hoe verleidelijk het is om je mee te laten sleuren door al die gedachten. Door me op m’n ademhaling te concentreren en telkens als ik afgeleid dreig te worden m’n aandacht daar weer naar terug te leiden, merk ik ook dat ik die gedachten ‘gewoon’ door m’n hoofd kan laten trekken als wolken aan een blauwe hemel en dat ik er verder niets mee HOEF te doen. Het principe van het ene oor in en het andere weer uit dus. Als er gedachten opkomen classificeer ik het als ‘denken’ en keer terug naar m’n ademhaling. Ik ben niet mijn gedachten.


In mijn praktijk gebruik ik vaak nog een ander middel om mensen bewust te laten worden van hun gedachten, welke invloed deze kunnen hebben en hoe je ermee om kunt gaan. Dit is een techniek uit de cognitieve gedragstherapie en gaat uit van de drie G’s (Gedachten, Gevoel, Gedrag) en hoe die elkaar beïnvloeden. Kort door de bocht komt het hier op neer: Ik denk bijvoorbeeld: ‘Ik moet ook nog mediteren, bah, ik heb daar helemaal geen zin.’ Het gevoel dat ik vervolgens door die gedachte heb is een onaangenaam gevoel van weerstand en weerzin. Het gedrag dat ik vervolgens vertoon is dat ik het uitstel om plaats te nemen het kussen en dat ik allerlei excuses verzin om maar niet te hoeven zitten. Kortom: een gedachte brengt een gevoel teweeg en dat zorgt er weer voor dat je je op een bepaalde manier gedraagt. Kennis van dit mechanisme kan heel verhelderend zijn en kan ook helpen om het om te buigen. Als ik bijvoorbeeld een andere gedachte formuleer die me meer zou ondersteunen, bijvoorbeeld: ‘ik wil mediteren omdat ik weet dat ik me straks rustiger voel en meer in het hier en nu ben’, zal ik minder weerstand voelen en makkelijker de stap nemen om daadwerkelijk te gaan zitten.

Bij cliënten kom ik vaak tegen dat ze in eerste instantie met een bepaald gevoel komen: bijvoorbeeld dat ze zich minderwaardig voelen of dat ze boos en verdrietig zijn. Ik ga dan samen met die cliënt kijken welke gedachten hier achter zitten. Bijvoorbeeld: ‘ik ben niet goed genoeg.’ ‘ik ben niets waard’ ‘ik verdien het niet om gelukkig te zijn’. Bewustwording van die achterliggende gedachte of kernovertuiging biedt dan aanknopingspunten om er vervolgens mee aan de slag te gaan.


Zittend op m’n meditatiekussen bedenk ik me dat het probleem vaak niet eens zit in de gedachten zelf maar in hoeverre wij deze gedachten geloven en er waarde aan hechten.  Maar ook deze gedachte van mij is als een wolkje aan de blauwe hemel die ik dan ook voorbij laat trekken terwijl ik me weer op m’n ademhaling focus.


Terug